Bestuurders en hervormers

1450 tot 1600 v. Chr.

Karel V en Filips II
In de eerste helft van de zestiende eeuw bestaan de Nederlanden uit verschillende gebieden met eigen wetten en regels. Maar één ding delen zij met elkaar: de Habsburgse landsheer Karel V. In 1515 wordt hij – vijftien jaar oud – heer der Nederlanden, een jaar later ook koning van Spanje en zijn bezittingen in de Nieuwe Wereld, en in 1519 volgt zijn verkiezing tot keizer van het Duitse Rijk.

Het is voor het eerst sinds Karel de Grote dat iemand in Europa weer over zo’n groot rijk regeert. Om dit rijk te behouden trekt Karel van oorlog naar oorlog. Dat kost veel geld, dat mede opgebracht moet worden door de welvarende Nederlanden. Ondertussen probeert hij van de Nederlanden een bestuurlijke eenheid te maken. Niet iedereen verwelkomt deze centralisatiepolitiek. De steden verzetten zich tegen de hoge belastingen en koesteren hun privileges, terwijl de edellieden hun bestuursfuncties verdedigen tegen de nieuwe ambtenaren van Karel.

Reeds bij leven verdeelt Karel V zijn macht: zijn broer Ferdinand krijgt Oostenrijk en het keizerschap van Duitsland, terwijl zijn zoon Filips Spanje, de koloniën in Amerika, delen van Italië en de Nederlanden krijgt. Deze zoon, bekend als koning Filips II van Spanje, wil de Zeventien Verenigde Nederlanden tot één centrale staat samensmeden en vervolgt elke van het katholicisme afwijkende opvatting.

zwarte hoop
In het jaar 1572 trekken Friese en Gelderse huurbendes door het Kennemerland. Zij worden ‘De Zwarte Hoop’ genoemd en staan onder leiding van Grote Pier. Deze bendes terroriseren het land als protest tegen de overheersende rol van Habsburgers en Saksers. Bewoners slaan voor hen op de vlucht. Alkmaar wordt geplunderd en Egmond, Heiloo en Limmen gaan in vlammen op.

kaas en broodvolk
De Opstand van het Kaas- en Broodvolk (1491-1492) is een opstand van de inwoners van Kennemerland en West-Friesland tegen de stadhouder Jan van Egmont. De naam kaas- en broodvolk is afgeleid van de vaandels die de opstandelingen droegen, waarop een kaas en een brood was geschilderd om daarmee duidelijk te maken waarvoor zij vochten. De directe aanleiding is een belastingverhoging, maar de dieperliggende oorzaak is de steeds moeilijker positie waarin de boerenbevolking zich bevindt: er is voedselschaarste en economisch gaat het slecht. In 1492 krijgen de boeren steun van de bevolking van Hoorn, Alkmaar en Haarlem. De beweging trekt Alkmaar en Haarlem in en in Haarlem wordt de rentmeester Claes van Ruyven doodgeslagen. De opstandelingen worden via slagen bij Noordwijk en Beverwijk teruggedrongen door het keizerlijk leger en uiteindelijk verslaan op het kerkhof van Heemskerk.

de hervorming
Aan het begin van de 16e eeuw voelen veel Europeanen zich niet meer thuis binnen de katholieke kerk. Uit protest tegen bepaalde praktijken binnen de katholieke kerk komen mensen in opstand onder leiding van hervormers als Maarten Luther en Calvijn. De nieuwe religieuze opvattingen leiden tot groeiende maatschappelijke spanningen. Deze komen tot een hoogtepunt in de Beeldenstorm, die in 1566 over de Nederlanden raast en waarin interieurs van veel katholieke kerken door boze protestanten worden vernield. Deze Beeldenstorm is te zien als een belangrijke aanleiding tot de Opstand tegen Filips II. Na de Beeldenstorm in 1566 stuurt Filips de hertog van Alva naar de Nederlanden om het verzet de kop in te drukken. Dit leidt tot het begin van de Tachtigjarige oorlog.